Opinie

Waarom de opwarming van de aarde goed is voor de mensheid

Geschatte leestijd: 3 minuten

Wereldwijde armoede versus de opwarming van de aarde: het zijn de grootste problemen waar de mensheid in de 21e eeuw mee geconfronteerd wordt en ze zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. 

Het eerstgenoemde probleem gaat in essentie over de ongelijke verdeling van rijkdom en bronnen in de wereld. De lidstaten van de Verenigde Naties streven er gezamenlijk naar extreme armoede te bestrijden. Om de wereldwijde armoede te verminderen, moeten arme landen geholpen worden zich zo snel mogelijk te ontwikkelen. Maar zolang de mensen die woonachtig zijn in deze landen geen toegang hebben tot elektriciteit, blijven hun mogelijkheden beperkt. Als we een einde willen maken aan extreme armoede, zal de toegang tot energiebronnen voor de armste landen mogelijk gemaakt moeten worden.

Het tweede probleem, ook wel bekend als het broeikaseffect, wordt veroorzaakt door de enorme toename van broeikasgassen (waaronder CO2) in de lucht. Dit is het gevolg van de verbranding van fossiele brandstoffen (zoals kolen, olie en gas) en van ontbossing. De (voorspelde) opwarming van de aarde en de potentiële gevolgen daarvan hebben desastreuze gevolgen voor alle samenlevingen. Weerpatronen zullen steeds minder voorspelbaar worden, daarnaast krijgen we in toenemende mate te maken met extreme weersomstandigheden (denk aan: stormen, overstromingen, hittegolven en droogtes). De opwarming van de aarde zal niet alleen drastische gevolgen hebben voor de weersomstandigheden, maar ook voor onze gezondheid, landbouw, economie, watervoorraden, kustgebieden en biodiversiteit. We zullen allemaal te lijden hebben onder de gevolgen van de klimaatverandering. Uiteraard zullen de nu al allerarmsten er, zoals gebruikelijk, het meest onder lijden.

Om de klimaatverandering nog enigszins te beperken dienen (rijke) landen onder andere de uitstoot van CO2 te reduceren en over te stappen op andere vormen van energie (denk hierbij aan: zon-, wind- en waterenergie, biobrandstof, ‘schoon’ gas of de productie van zeewier). Ook moeten rijke landen ontwikkelingslanden helpen om de klimaatdoelstellingen te bereiken en dus de CO2-uitstoot te beperken. Echter, de (economische) vooruitgang van een ontwikkelingsland gaat altijd gepaard met een uitbreiding van de hoeveelheid energie die wordt verbruikt. De voor een ontwikkelingsland goedkoopste route naar economsiche vooruitgang loopt via een op koolstof draaiende economie. Dat betekent vooralsnog dat de economische vooruitgang van een land een negatief effect heeft op de staat van ons klimaat.

Als wij de strijd aan willen gaan met het broeikaseffect dan zullen we de strijd aan moeten gaan met de wereldwijde armoede. Het is nog nooit zo belangrijk geweest de ongelijke verdeling van rijkdom en bronnen in de wereld te tackelen, en ontwikkelingslanden te helpen bij het krijgen van toegang tot alternatieve energiebronnen. Het moge duidelijk zijn: het is van onvoorstelbaar groot belang dat arme landen toegang krijgen tot schone, betaalbare energiebronnen.

Van  30 november tot en met 11 december vindt in Parijs de eenentwintigste klimaatconferentie plaats. Wereldleiders, topambtenaren en toonaangevende organisaties zullen samenkomen om een nieuw klimaatverdrag op te stellen. In 2013 verliet een groot aantal vakbonden en NGO’s (waaronder Greenpeace, Oxfam Novib en het Wereldnatuurfonds) vroegtijdig de conferentie omdat rijke landen tijdens de onderhandelingen niet genoeg inzet getoond zouden hebben om de klimaatverandering (en daarmee armoede) te bestrijden.

De kans dat het nieuwe klimaatakkoord daadwerkelijk impact gaat hebben is het grootst wanneer per land juridisch bindende doelen worden opgelegd omtrent de CO2-reductie. Is dit het geval, dan zullen landen interne afspraken of wetten moeten verankeren om deze doelen te bereiken en kan het behalen van doelstellingen tot op nationaal niveau worden afgedwongen. Helaas hebben rijke landen het maken van harde afspraken tot dusver vermeden. Hoewel men lijkt te ‘wachten’ op technologische innovaties, liggen de fundamentele oplossingen op wereldniveau dus op het politieke en economische vlak.

De opwarming van de aarde biedt ons een unieke kans om de wereldwijde economie te herstructureren en tegelijkertijd te zorgen voor een mechanisme om de armoede in de wereld te verminderen. Universele toegang tot energie is de enige manier om gelijke kansen te creëren voor ontwikkelingslanden. Schone, betaalbare energie moet dus mogelijk worden gemaakt voor ontwikkelingslanden en opkomende economieën. Voor rijke landen brengt dit de zware verantwoordelijkheid en tevens enorme kans met zich mee om zowel ecologische als maatschappelijke verbeteringen te bewerkstelligen. Het is te hopen dat de huidige wereldleiders, die verantwoordelijk zijn voor het nieuwe klimaatverdrag, hun verantwoordelijkheid dit jaar in Parijs wel zullen nemen en de klimaatverandering zullen aangrijpen als unieke kans om de wereld te verbeteren.

Lees ook:

Nog geen reacties

Laat een reactie achter